HFA European Congress 2026: de fitnessbranche groeit, maar de toekomst vraagt om meer dan nieuwe leden
De internationale fitnessbranche is volop in beweging. Het aantal leden stijgt, de omzet groeit en nieuwe technologieën bieden ongekende mogelijkheden. Tegelijkertijd staat de sector voor belangrijke vraagstukken. Hoe zorgen we ervoor dat mensen niet alleen lid worden, maar ook blijven bewegen? Hoe bereiken we doelgroepen die zich nog onvoldoende aangesproken voelen? En wat is er nodig om fitness een volwaardige plek te geven binnen preventie en gezondheidszorg? Tijdens het HFA European Congress 2026 in Londen werd duidelijk dat de toekomst van de branche niet alleen draait om groei, maar vooral om duurzame impact.
Op 24 en 25 september 2026 kwamen internationale fitnessondernemers, onderzoekers, brancheorganisaties en experts samen in het London Stadium voor het HFA European Congress, georganiseerd door de Health & Fitness Association (HFA), in samenwerking met ukactive.
Het congres stond in het teken van One Vision. One Voice. Een boodschap die gedurende beide dagen terugkwam: de fitnessindustrie heeft wereldwijd een steeds belangrijkere rol te vervullen, maar om die positie te versterken, zijn samenwerking, professionalisering en aantoonbare resultaten noodzakelijk.
Melanie Verbueken was namens NL Actief aanwezig en volgde presentaties over onder meer internationale marktontwikkelingen, ledenbehoud, kunstmatige intelligentie, vrouwengezondheid, GLP-1-medicatie, preventie en nieuwe bedrijfsmodellen.
Hoewel de onderwerpen sterk uiteenliepen, viel één ontwikkeling op: de fitnessbranche verschuift van een sector die voornamelijk sportfaciliteiten aanbiedt naar een bredere aanbieder van gezondheid, begeleiding en sociale verbinding.
Maar wat betekenen die internationale ontwikkelingen voor Nederlandse fitnessondernemers?
1. De wereldwijde fitnessindustrie groeit: de cijfers spreken voor zich

Wie uitsluitend naar de economische ontwikkelingen kijkt, ziet een sector die stevig in de lift zit.
Tijdens het congres werden de resultaten van het nieuwe HFA Global Report 2026 besproken. Het rapport biedt inzicht in de internationale fitnessmarkt, met marktgegevens, bedrijfsontwikkelingen en vooruitzichten uit 33 landen.
Een belangrijk onderdeel is een onderzoek onder 244 fitnessoperators, gezamenlijk goed voor bijna 27.000 fitnesslocaties wereldwijd.
De resultaten over 2025 laten zien dat de deelnemende bedrijven financieel sterk presteerden:
- De mediane omzetgroei bedroeg 10,7%.
- De mediane EBITDA-marge kwam uit op 22,1%.
- Bij de financieel best presterende groep lag die EBITDA-marge zelfs op 31%.
Die laatste cijfers laten zien dat winstgevendheid niet alleen samenhangt met het aantrekken van nieuwe leden. Ook een duidelijke positionering, efficiënte bedrijfsvoering, personeelsplanning en het ontwikkelen van aanvullende inkomstenbronnen spelen een belangrijke rol.
Deze percentages zijn afkomstig van de operators die deelnamen aan het HFA-onderzoek. Ze vormen dus geen exacte groeicijfers voor de volledige wereldwijde fitnessmarkt.
Download hier het HFA Global Report 2026.
Europa bereikt 75,5 miljoen fitnessleden
Ook dichter bij huis zijn de ontwikkelingen positief.
Volgens het European Health & Fitness Market Report 2026 van EuropeActive en Deloitte groeide het aantal Europese fitnessleden in 2025 met 5,8% naar 75,5 miljoen. De gezamenlijke omzet nam met 9,1% toe tot €39,1 miljard. Europa telde eind 2025 in totaal 67.515 fitnesslocaties.
De omzet groeit daarmee sneller dan het aantal leden. Dat kan onder andere samenhangen met prijsontwikkelingen en de toenemende vraag naar aanvullende diensten en begeleiding.
Ook Nederland behoort tot de volwassen fitnesssectoren. In het Nederlandse hoofdstuk van het HFA Global Report, waaraan wij als NL Actief en het Mulier Instituut bijdroegen, wordt beschreven dat bijna 27% van de Nederlanders van 12 tot en met 79 jaar wekelijks aan fitness doet. Het gaat hierbij om sportdeelname, niet uitsluitend om mensen met een sportschoolabonnement.
Dat de markt groeit, is positief. Maar de congrespresentaties maakten ook duidelijk dat deze groei een nieuwe vraag oproept: Hoe zorgen we ervoor dat deze groei zich vertaalt naar meer mensen die structureel en met plezier blijven bewegen?
2. Het grootste groeipotentieel zit mogelijk al binnen: ledenbehoud
Een van de meest opvallende presentaties kwam van Dr. Paul Bedford, internationaal onderzoeker op het gebied van ledenbehoud.
Tijdens The Retention Blueprint: Inside the Industry’s Largest Retention Study presenteerde hij de eerste resultaten van het nieuwe HFA Global Retention Benchmark Report.
Het onderzoek is uitzonderlijk groot: de geanalyseerde dataset omvat 12.439.458 datapunten afkomstig van 2.700 operators en 5.200 fitnesslocaties in 38 landen. De data heeft betrekking op de periode van 1 januari 2024 tot en met 30 april 2026.
Dr. Bedford onderzocht onder meer hoe lang mensen lid blijven, wanneer het risico op opzegging het grootst is en welke relatie er bestaat tussen bezoekfrequentie en lidmaatschapsduur.
63% van de onderzochte Europese leden valt vroeg in de hoogste risicogroep
Een opvallende uitkomst uit de Europese analyse: 63% van de onderzochte leden valt op basis van de bezoekfrequentie gedurende de eerste 12 weken in de hoogste risicocategorie.
Deze categorie bestaat uit leden die gemiddeld minder dan 0,8 keer per week trainen.
Het betekent niet dat 63% van de leden daadwerkelijk opzegt. Wel laat het onderzoek zien dat deze groep, vergeleken met leden die vaker trainen, een duidelijk ongunstiger retentiepatroon heeft.
De eerste 12 weken zijn daarmee een belangrijke periode om leden te helpen bij het ontwikkelen van een sportroutine.
Dr. Bedford liet bovendien zien dat relatief kleine verschillen in bezoekfrequentie samenhangen met aanzienlijke verschillen in lidmaatschapsduur. Leden die ongeveer 1x per week komen, blijven in de onderzochte groepen doorgaans langer lid dan mensen die minder frequent verschijnen.
De onderzoeker benadrukte dat het niet alleen om de eerste maanden gaat. Ook later in de klantreis, bijvoorbeeld rond het eerste lidmaatschapsjaar, kunnen nieuwe risicomomenten ontstaan.
Wat betekent dit voor fitnessondernemers?
Sportscholen investeren veel tijd en geld in het werven van nieuwe leden. Maar wanneer iemand na de inschrijving nauwelijks gebruikmaakt van het abonnement, blijft een belangrijk deel van de potentiële waarde onbenut.
Dat maakt de periode na inschrijving minstens zo interessant als het verkoopproces daarvoor.
Denk aan een onboarding die verder gaat dan een rondleiding, medewerkers die vroegtijdig signaleren wanneer iemand minder vaak komt, en persoonlijk contact dat leden helpt om opnieuw aansluiting te vinden.
Ledenbehoud is daarmee niet uitsluitend een administratieve of commerciële KPI. Het raakt direct aan de vraag of fitnessbedrijven mensen helpen om duurzaam in beweging te blijven.
3. De fitnessmarkt groeit, maar bereikt nog niet iedereen
Een ander belangrijk onderwerp was de kloof in sportparticipatie. Tijdens de presentatie over de Britse fitnessmarkt lieten Glen Thurgood van EVOLVE en Cameron Saunders van ukactive zien hoe sterk de markt zich ontwikkelt. Groot-Brittannië telde in 2025 ongeveer 12,2 miljoen fitnessleden.
Tegelijkertijd kwam naar voren dat deze groei niet gelijk verdeeld is over alle bevolkingsgroepen.
Vooral bij groepen met een lagere sociaaleconomische positie bestaan belemmeringen die verder gaan dan alleen de prijs van een abonnement.
In het panel Minding the Privilege Gap: Community Initiatives Driving Change werd besproken dat fysieke activiteit niet simpelweg een kwestie van motivatie is.
Ook de mogelijkheden om te bewegen, iemands leefomgeving, beschikbare tijd, persoonlijke omstandigheden en het gevoel ergens welkom te zijn, spelen een belangrijke rol.
Een sportschool kan toegankelijk zijn, maar toch niet toegankelijk voelen
Een interessant praktijkvoorbeeld kwam uit het Verenigd Koninkrijk, waar lokale beweeginitiatieven bewust worden ontwikkeld in samenwerking met gemeenschappen die traditioneel minder goed worden bereikt.
Daarbij wordt niet alleen gekeken naar wat een organisatie wil aanbieden, maar vooral naar de redenen waarom mensen op dit moment niet deelnemen.
Voor sommige doelgroepen zijn zorgprofessionals een belangrijke vertrouwenspersoon. Andere groepen worden juist beter bereikt via lokale ambassadeurs of mensen uit hun eigen gemeenschap.
Ook de fysieke omgeving doet ertoe.
Een fitnesscentrum dat volledig is ingericht rondom prestaties, competitie en zichtbare trainingsresultaten kan voor ervaren sporters motiverend werken. Maar dezelfde omgeving kan voor een beginner juist intimiderend zijn.
Het gaat er dus niet om dat ieder fitnesscentrum hetzelfde aanbod moet ontwikkelen. De vraag is of een organisatie voldoende begrijpt voor wie het aanbod bedoeld is en welke drempels er nog bestaan.
De groeikansen van de toekomst liggen mogelijk niet alleen bij mensen die al enthousiast zijn over fitness, maar juist bij degenen die zich nu nog niet herkennen in het bestaande aanbod.
4. Vrouwengezondheid vraagt om meer dan een aangepast lesrooster
Tijdens Women’s Health Across the Lifespan: Strength in Every Stage stond een doelgroep centraal die in de fitnessindustrie lange tijd onvoldoende specifieke aandacht kreeg: vrouwen en meisjes in verschillende levensfasen.
Baz Moffat van The Well HQ, Michelle Dand van David Lloyd Clubs en Stephanie Heath van Everyone Active bespraken onder meer menstruatie, zwangerschap, de menopauze, gezond ouder worden en de rol van deskundige begeleiding.
De centrale boodschap was dat aandacht voor vrouwengezondheid verder moet gaan dan het aanbieden van een afzonderlijke workshop of tijdelijk programma.
Veel fitnessprofessionals zijn opgeleid vanuit algemene trainingsprincipes, terwijl specifieke kennis over vrouwelijke gezondheid in opleidingen niet altijd voldoende aan bod komt.
Dat kan gevolgen hebben voor de kwaliteit van de begeleiding en de mate waarin vrouwen zich begrepen voelen.
Van bewustwording naar structurele aandacht
David Lloyd Clubs besprak hoe kennis over vrouwengezondheid structureel onderdeel wordt gemaakt van de ontwikkeling van personal trainers en hoe lokale aanspreekpunten bijdragen aan kennisdeling en verbinding binnen de clubs.
Het gesprek ging daarmee niet alleen over nieuwe commerciële mogelijkheden, maar vooral over de vraag welke kennis en vaardigheden fitnessprofessionals nodig hebben.
Voor fitnessondernemers kan dat betekenen dat ze kritisch kijken naar de deskundigheid binnen hun team, hun intakeprocedures en de manier waarop verschillende levensfasen terugkomen in het aanbod.
Tegelijkertijd blijft het belangrijk dat trainers hun professionele grenzen kennen en bij medische vragen samenwerken met gekwalificeerde zorgprofessionals.
Vrouwengezondheid is geen tijdelijke fitnesstrend, maar een onderwerp dat structurele aandacht verdient binnen opleiding, programmering en begeleiding.
5. AI verandert niet alleen de bedrijfsvoering, maar mogelijk ook hoe consumenten fitness kiezen
Een van de meest toekomstgerichte presentaties was The Invisible Workforce van Ian Mullane, oprichter van Keepme en betrokken bij de internationale fitnessoperator GymNation.
Mullane liet zien hoe AI-agents steeds meer taken binnen een fitnessorganisatie kunnen uitvoeren.
Anders dan een traditionele chatbot, die meestal reageert op afzonderlijke vragen, kunnen AI-agents worden ingericht om zelfstandig meerdere stappen binnen een proces uit te voeren.
Denk aan het opvolgen van een informatieaanvraag, het beantwoorden van vragen, het inplannen van een rondleiding of het ondersteunen bij betalings- en administratieve processen.
Aan de hand van ervaringen bij GymNation liet Mullane zien hoe deze technologie kan bijdragen aan schaalbare bedrijfsvoering.
Maar misschien nog interessanter was zijn verwachting voor de consumentenkant.
Wat als een AI-assistent straks jouw sportschool aanbeveelt?
Consumenten kunnen AI gebruiken om fitnessaanbieders met elkaar te vergelijken op basis van hun persoonlijke voorkeuren.
Bijvoorbeeld door te vragen naar een sportschool in de buurt met groepslessen na werktijd, goede begeleiding voor beginners en flexibele lidmaatschapsmogelijkheden.
Dat betekent dat duidelijke en betrouwbare online informatie steeds belangrijker kan worden.
Openingstijden, lesroosters, prijzen, reviews, begeleiding en aanmeldmogelijkheden moeten niet alleen voor mensen begrijpelijk zijn, maar ook goed toegankelijk zijn voor digitale systemen.
Mullane voorziet zelfs een ontwikkeling waarbij persoonlijke AI-assistenten namens consumenten transacties kunnen uitvoeren. Hoever en hoe snel die ontwikkeling zich in de fitnesssector doorzet, zal nog moeten blijken.
Technologie als ondersteuning van menselijk contact
Juist hier ontstond een interessant verband met andere presentaties. Waar AI steeds beter wordt in administratieve en herhaalbare werkzaamheden, benadrukten andere sprekers het belang van menselijke begeleiding, vertrouwen en sociale verbinding.
Voor fitnessbedrijven ligt de kans daarom niet uitsluitend in efficiënter werken.
Technologie kan ook helpen om medewerkers meer ruimte te geven voor persoonlijke aandacht, ondersteuning en contact met leden.
De vraag is niet alleen welke werkzaamheden door AI kunnen worden uitgevoerd, maar vooral welke kwaliteit en aandacht fitnessondernemers daardoor kunnen toevoegen.
6. Nieuwe verdienmodellen: van corporate wellness tot recovery en hospitality

Ook op commercieel gebied verandert de fitnessindustrie. Tijdens Corporate Wellness as a Growth Engine bespraken vertegenwoordigers van onder andere Wellhub, Virgin Active en Nationwide hoe fitness steeds vaker onderdeel wordt van het arbeidsvoorwaarden- en vitaliteitsbeleid van werkgevers.
Voor fitnessondernemers kunnen dergelijke samenwerkingen een aanvullend kanaal vormen om leden te bereiken die zij met traditionele marketing minder gemakkelijk aantrekken.
Volgens het Wellhub Fitness Business Growth Report 2026, gebaseerd op een enquête onder 662 sportschool- en studio-eigenaren in elf landen, zegt 82% van de respondenten dat de kosten om nieuwe leden te werven in de afgelopen twaalf maanden zijn gestegen.
Van de ondervraagde ondernemers die samenwerken met een corporate-wellnessplatform geeft 83% aan dat zij daarmee doelgroepen kunnen bereiken die via hun eigen marketing moeilijk bereikbaar zijn.
Corporate wellness is bovendien niet het enige model dat in ontwikkeling is.
Fitness wordt onderdeel van een breder wellnessaanbod
In het panel Beyond the Four Walls bespraken internationale operators hoe fitness steeds vaker onderdeel wordt van hotels, woonomgevingen, vastgoedprojecten en geïntegreerde wellnessconcepten.
Daarbij verschuift de aandacht van uitsluitend de trainingsfaciliteiten naar de volledige gebruikerservaring.
Herstelvoorzieningen, slaap, ontspanning, voeding, technologie en sociale verbinding krijgen een prominentere plaats in het aanbod.
Ook consolidatie verandert het internationale landschap. Tijdens een gesprek met Urban Gym Group en Iconic Health Clubs werd besproken hoe overnames niet alleen kunnen bijdragen aan schaalvergroting, maar ook vragen oproepen over merkidentiteit, cultuur en lokale betrokkenheid.
Deze ontwikkelingen laten zien dat er niet één succesvol fitnessmodel voor de toekomst bestaat.
Betaalbare fitnessketens, zelfstandige clubs, gespecialiseerde studio’s en premium wellnessconcepten kunnen allemaal hun eigen positie vervullen.
Juist daarom worden een duidelijke doelgroep, een herkenbaar aanbod en een sterke lokale binding steeds belangrijker.
7. Van fitness naar gezondheid: de samenwerking met de zorg komt dichterbij
Een van de meest terugkerende onderwerpen tijdens het congres was de rol van fitness binnen de gezondheidszorg.
Dat werd onder andere duidelijk tijdens het panel Beyond the Prescription: GLP-1, Exercise, and Obesity Care.
De opkomst van GLP-1-medicatie, die onder meer wordt ingezet bij de behandeling van obesitas, verandert de manier waarop zorgprofessionals en consumenten naar gewichtsbeheersing kijken.
Maar gewichtsverlies is niet hetzelfde als een duurzame verbetering van fysieke gezondheid.
De sprekers benadrukten daarom het belang van voldoende beweging, krachttraining, passende voedingsbegeleiding en langdurige ondersteuning als onderdeel van bredere obesitaszorg.
Bij gewichtsverlies kan ook spiermassa verloren gaan. Passende krachttraining en lichamelijke activiteit kunnen helpen om fysieke functies en spiermassa zoveel mogelijk te behouden.
Voor de fitnessbranche biedt dit mogelijkheden om samen te werken met zorgprofessionals en mensen op een veilige manier te ondersteunen bij hun beweeggedrag.
De fitnessbranche als partner in preventie
Tijdens de aansluitende sessie over de integratie van fitness en gezondheidszorg werd verder gesproken over verwijzingstrajecten vanuit artsen, langdurige begeleiding en professionele verantwoordelijkheden.
Wanneer fitnesscentra een grotere rol willen spelen bij mensen met chronische aandoeningen of medische risicofactoren, moeten zorgprofessionals erop kunnen vertrouwen dat begeleiding veilig, deskundig en passend is.
Dat vraagt om duidelijke werkafspraken, kennis over risicosignalen en inzicht in de grenzen van het vakgebied.
Ook leefstijlverandering vraagt om meer dan een trainingsschema. Persoonlijke omstandigheden, vertrouwen, motivatie en langdurige begeleiding bepalen mede of iemand nieuwe gewoonten kan volhouden.
De internationale ontwikkelingen bieden daarmee een interessant perspectief voor Nederland, waar samenwerking tussen sport, preventie, gemeenten en zorg eveneens aandacht krijgt.
De ambitie om fitness een vaste plek te geven binnen preventie en gezondheid biedt kansen, maar vraagt tegelijkertijd om verdere professionalisering.
8. Professionele standaarden worden steeds belangrijker
Die noodzaak tot professionalisering stond centraal tijdens Raising the Bar: Certifications, Standards, and the Future of the Fitness Professional.
Vertegenwoordigers van onder andere CIMSPA, Ultimate Performance en Third Space bespraken de verschillen tussen het behalen van een fitnesskwalificatie en daadwerkelijk bekwaam zijn in het begeleiden van mensen.
Een diploma of certificaat vormt een basis. Maar het kunnen toepassen van kennis, omgaan met verschillende doelgroepen, effectieve communicatie en het herkennen van professionele grenzen ontwikkelen zich vooral door opleiding, ervaring en voortdurende bijscholing.
Verschillende organisaties vertelden daarom hoe zij investeren in interne opleidingen, assessments, begeleiding en mentorschap.
Goede begeleiding is meer dan technische kennis
Een trainer kan veel weten over oefeningen en trainingsschema’s, maar daarmee nog niet automatisch begrijpen wat een individuele klant nodig heeft.
Dat vraagt ook om luisteren, motiveren, het herkennen van onzekerheid en het kunnen aanpassen van begeleiding aan iemands persoonlijke situatie.
Die menselijke vaardigheden worden des te belangrijker wanneer fitnessprofessionals vaker samenwerken met de gezondheidszorg of mensen begeleiden voor wie bewegen niet vanzelfsprekend is.
Ook leiderschap kwam meerdere keren terug tijdens het congres.
Luke Carlson, CEO van Discover Strength en voorzitter van HFA, liet zien hoe zijn organisatie investeert in een intern Leadership Institute om leidinggevenden volgens een gedeelde methode te ontwikkelen.
De boodschap: een sterke organisatie bouw je niet uitsluitend met goede faciliteiten en een aantrekkelijk aanbod. Ook cultuur, duidelijke verwachtingen en de voortdurende ontwikkeling van medewerkers bepalen de kwaliteit.
Voor Nederland onderstreept dit het belang van professionele standaarden, erkende opleidingen, permanente ontwikkeling en kwaliteitsborging binnen de fitnessbranche.
9. Community en data: twee voorwaarden voor duurzame groei
Op het eerste gezicht lijken menselijke verbinding en grootschalige data twee totaal verschillende onderwerpen.
Toch kwamen beiden tijdens het congres steeds opnieuw terug.
Internationale operators benadrukten hoe belangrijk community is voor de betrokkenheid van leden. Mensen willen niet alleen toegang tot trainingsapparatuur, maar ook een omgeving waarin ze zich prettig voelen, steun ervaren en onderdeel kunnen zijn van een groep.
Dat kan plaatsvinden in groepslessen, kleinschalige trainingsgroepen, evenementen, lokale initiatieven of eenvoudigweg het persoonlijke contact met medewerkers.
Maar sociale verbinding alleen is niet voldoende om de impact van de sector aan te tonen.
Daarvoor zijn ook betrouwbare gegevens nodig.
Het HFA Global Report, de financiële benchmarks en het nieuwe retentieonderzoek laten zien hoeveel mogelijkheden ontstaan wanneer organisaties gegevens verzamelen en analyseren.
Denk aan inzicht in bezoekfrequentie, lidmaatschapsduur, doelgroepverschillen, klanttevredenheid en de effecten van begeleiding.
De uitdaging is vervolgens om op basis van deze gegevens betere beslissingen te nemen.
Niet alleen meten hoeveel nieuwe leden er binnenkomen, maar ook onderzoeken wie blijft bewegen, welke groepen afhaken en welke vormen van ondersteuning daadwerkelijk werken.
Data helpt om te begrijpen wat er gebeurt. Menselijke aandacht en professionele begeleiding zijn vervolgens nodig om daar passend op te reageren.
10. Wat betekenen deze ontwikkelingen voor Nederlandse fitnessondernemers?
De verschillende presentaties laten zien dat de internationale fitnessbranche zich in meerdere richtingen tegelijk ontwikkelt.
De markt groeit, bedrijfsmodellen worden diverser, technologie ontwikkelt zich razendsnel en de relatie met gezondheid en preventie wordt steeds belangrijker.
Maar de belangrijkste lessen gaan niet uitsluitend over internationale ketens of grote investeringen.
Ook voor zelfstandige sportscholen, studio’s en personal trainers liggen er concrete mogelijkheden.
5vragen zijn daarbij het overwegen waard:
- Hoe goed kennen we het daadwerkelijke beweeggedrag van onze leden? Niet alleen het aantal inschrijvingen en opzeggingen, maar ook de bezoekfrequentie, betrokkenheid en momenten waarop leden dreigen af te haken.
- Bereiken we de doelgroepen die we willen bereiken? En weten we waarom sommige mensen zich nog niet aangesproken of welkom voelen binnen ons aanbod?
- Hoe zetten we technologie in om de dienstverlening te verbeteren? Van goed toegankelijke informatie tot efficiëntere processen en meer ruimte voor persoonlijk contact.
- Welke kennis en vaardigheden hebben onze medewerkers nodig? Denk aan begeleiding van verschillende levensfasen, leefstijlverandering, professioneel handelen en samenwerking met andere disciplines.
- Hoe maken we onze toegevoegde waarde zichtbaar? Niet alleen door te communiceren over faciliteiten en lidmaatschappen, maar ook door resultaten, ervaringen en kwaliteit inzichtelijk te maken.
Niet iedere organisatie hoeft dezelfde keuzes te maken. Een zelfstandige studio heeft andere mogelijkheden en uitdagingen dan een grote fitnessketen of een multifunctioneel sportcentrum.
Maar de onderliggende ontwikkeling raakt de hele branche: de verwachtingen van consumenten, medewerkers en maatschappelijke partners veranderen.
Conclusie: van groei naar duurzame impact
Tijdens de afsluitende reflectie op het HFA European Congress werden 4 terugkerende onderwerpen benoemd: community, professionele standaarden, gezondheid en data.
De internationale fitnessindustrie heeft een sterke uitgangspositie. Het aantal leden groeit, fitnessbedrijven ontwikkelen nieuwe diensten en technologie biedt steeds meer mogelijkheden om processen en begeleiding te verbeteren.
Maar de volgende ontwikkelfase vraagt om meer dan een groeiend aantal abonnementen. Het gaat ook om het bereiken van mensen die nu nog onvoldoende deelnemen, het ondersteunen van langdurig beweeggedrag, het verhogen van de kwaliteit van begeleiding en het aantonen van de maatschappelijke betekenis van fitness.
Juist daar ligt een belangrijke kans voor de Nederlandse fitnessbranche.
Nederland beschikt over een omvangrijke en veelzijdige fitnessmarkt met grote en kleine ondernemers, gespecialiseerde professionals, opleiders, leveranciers en brancheorganisaties.
Door kennis te delen, kwaliteit verder te ontwikkelen en samen te werken met partners buiten de traditionele fitnesssector kan de branche haar positie blijven versterken.
De uitdaging voor de komende jaren is daarmee niet alleen om meer mensen lid te maken van een sportschool, maar om meer mensen duurzaam in beweging te krijgen én te houden.
Dat vraagt om sterke fitnessondernemingen, deskundige professionals en een gezamenlijke visie op de maatschappelijke waarde van bewegen.
Precies waar het motto van het HFA European Congress 2026 om draaide: One Vision. One Voice.
Meer verdieping vanuit het HFA European Congress 2026
In de komende artikelen duikt NL Actief dieper in de verschillende ontwikkelingen die tijdens het congres centraal stonden. Onder meer het internationale retentieonderzoek van Dr. Paul Bedford, de opkomst van AI-agents, vrouwengezondheid, nieuwe verdienmodellen, professionele standaarden en de samenwerking tussen fitness en gezondheidszorg komen uitgebreid aan bod.
Bronnen en onderzoeksverantwoording
Dit artikel is gebaseerd op de bijgewoonde presentaties en panelgesprekken tijdens het HFA European Congress 2026 op 24 en 25 september in Londen, aangevuld met onderstaande onderzoeken:
HFA Global Report 2026 ·European Health & Fitness Market Report 2026 — EuropeActive/Deloitte ·Wellhub Fitness Business Growth Report 2026
De genoemde cijfers over bezoekfrequentie en retentie zijn afkomstig uit de voorlopige onderzoeksresultaten die Dr. Paul Bedford op 25 september 2026 presenteerde. Het volledige HFA Global Retention Benchmark Report was op dat moment nog niet beschikbaar.
Auteur: Melanie Verbueken, namens NL Actief.
